You are here: Home > Namibië > Een stroeve start ….

Een stroeve start ….

We wisten dat we nog een paar klusjes te klaren hadden voordat we weer konden rijden, maar dat er nog een paar onverwachte bij kwamen, waardoor ons verblijf op de Trans Kalahari Inn bijna twee weken zou gaan duren, dat hadden we natuurlijk niet verwacht.

Zoals in boeken ook wel eens gebeurt, begin ik dit keer met een introductie van de personages en bedrijven. Ik ben bang, dat het anders een te verwarrend verhaal zou worden.

Bobo Campers

Een bedrijf, opgezet door de Nederlandse familie Bouwers, die zowel campers naar eigen ontwerp bouwen als ook verhuren. Inmiddels hebben ze vestigingen in Kaapstad, Johannesburg en Windhoek. Ze hebben meer dan 100 campers op de weg. Bij de vestiging in Windhoek heeft ons Mannetje de afgelopen zomer geparkeerd gestaan.

Trans Kalahari Inn

Een hotel annex camping met een prima restaurant in (Klein) Windhoek. Gevestigd op hetzelfde terrein als dat van Bobo Campers. Toen dit hotel te koop kwam, besloot Bobo Campers het over te nemen. In dit hotel hebben we de eerste nacht geslapen, toen we in Windhoek aankwamen. De overige nachten hebben we hier op de camping gestaan. Noodgedwongen ook veel gebruik gemaakt van het restaurant.

Wil Bouwer(in het verslag Wil II)

De branch manager van Bobo Campers, verantwoordelijk voor alle campers die van hun bedrijf in Namibië rondrijden. Daarnaast ook verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken in het hotel en op de camping. Zeer behulpzaam bij het vinden van oplossingen voor onze problemen.

Monique Zilverentant

Zelfstandig onderneemster uit Zuid Afrika. Begeleid fietstours ingekocht door Nederlandse organisaties. Dit jaar is het (te) rustig. Daarom had ze tijd om tijdens het hoogseizoen haar vriendin Wil Bouwer te helpen als assistent-manager van het hotel en restaurant.

 

Atte en Marijke van der Schaaf

Atte, Marijke, Monique en Wil I

Atte, Marijke, Monique en Wil I

Een Nederlands stel, die met een zelf ontworpen Bremach bezig zijn aan een wereldreis. Zijn via de oostkant naar Zuid Afrika gereden. Gaan nu een tijdje door zuidelijk Afrika reizen. Wanneer ze hier uitgekeken zijn, laten ze de auto verschepen naar Australië. Daar gaan ze hun zoon in Sydney bezoeken. Vervolgens wordt de auto, die speciaal ontworpen is om in een standaard container te passen, naar Zuid Amerika verscheept. Na een reis door de Amerika’s gaat de auto richting Singapore om vervolgens over land terug naar Europa te reizen. Dat zijn nog eens plannen! Zie verder hun welverzorgde website: www.amworldtour.nl.

Roland en Tamara

Roland en Tamara

Roland en Tamara

 

Een Duits stel, dat regelmatig aan de Zeeuwse kust vertoeft om te kitesurfen. Dan doen ze ’s winters ook met een groepje gelijkgezinden aan de Portugese kust. En passant gaan ze dan even in de Pyreneeën skiën. Verder brengen ze een deel van hun vakantiedagen door in Afrika. Ze hebben net zo’n Mannetje als wij, alleen heeft hij alles zelf opgebouwd. Ook zijn auto is geschikt om in een container vervoerd te worden. Zo is hij ook vanuit Duitsland in Namibië gekomen.

Bart en Penny van Hal

Bart is een Nederlander, die zich nog niet zo lang geleden in Namibië heeft gevestigd. In Nederland had hij een garagebedrijf, dat hij hier wil gaan voortzetten. Hij is getrouwd met Penny. Hij heeft de grote klussen aan ons Mannetje gedaan, tijdens onze afwezigheid. Momenteel is hij in Nederland, waar zijn vrouw gaat bevallen van hun tweede kind.

 

En dan nu het verhaal ….

Op zondagmorgen, na heerlijk lang in bed gelegen te hebben en een uitstekende brunch, geserveerd door Monique, genuttigd te hebben, zijn we ’s middags ons Mannetje bij Bart gaan halen. Bart had helaas niet veel tijd voor ons, want ’s avonds ging zijn vliegtuig naar Nederland. Dus na een snelle inspectie van alle werkzaamheden, die hij verricht had, hebben we afscheid genomen en hebben een supermarkt opgezocht voor de eerste inkopen. Uiteraard stonden op ons boodschappenlijstje ook wijn en bier, maar helaas, die mochten ze niet verkopen op zondag, dus werden die bij de kassa van de band gehaald. Hoe hypocriet! Op de camping aangekomen, het was inmiddels tegen het eind van de middag, openbaarde zich het eerste probleem: de service accu’s bleken behoorlijk ontladen, zodanig dat de geïnstalleerde oplader zei, dat we het zelf maar moesten uitzoeken. We gaan je niet vermoeien met alle details, maar het werd donderdag voordat we weer over vol geladen accu’s konden beschikken. Dat betekende niet, dat we ondertussen duimen zaten te draaien, want we hadden zo wie zo zelf ook nog de nodige klusjes te doen. O.a. het meegebrachte stuur van onze donorauto monteren, zodat we weer normaal kunnen starten en de verlichting, luchthoorn etc. het ook weer doen. Alleen de ruitenwissers bleven dienst weigeren, maar dat bleek uiteindelijk een simpele zekering te zijn.

Hoewel het een aangenaam vertoeven was op de Inn, hadden we toch zoiets van, mooi, nu we weer over stroom beschikken, kunnen we op stap. Niet dus, het volgende probleem diende zich aan: de koelkast deed het niet. De compressor stond zo te horen wel te draaien, maar het werd niet koud. Ook hier zullen we je niet vermoeien met details, maar dat het uit- en inbouwen van de koelkast nog meer voeten in de aarde had, dan die van de accu’s moet wel even gezegd worden. Bij het installeren moet de monteur er niet helemaal ten onrechte van uit zijn gegaan, dat die koelkast nooit meer van zijn plaats hoefde te komen, zo degelijk zat hij vast aan alles in zijn directe omgeving. Dat werd het betere sloopwerk. Vervolgens werden op Afrikaanse wijze toezeggingen gedaan, waardoor de koelkast niet op zaterdag terugkwam, maar pas op maandagmiddag. Wel bleek de eerst kapot verklaarde compressor toch nog wel goed te zijn, maar moest het systeem opnieuw met koelvloeistof gevuld worden.

De laatste hobbel die genomen moest worden, was het vullen van de gasfles. We hebben een hele bijzondere van kunststof maar met standaard aansluiting. In The Gambia was het geen enkel probleem om hem weer gevuld te krijgen, maar hier in Namibië wel. Of men niet wilde of niet mocht, dat is mij niet helemaal duidelijk geworden, maar het bedrijf dat ook voor Bobo Campers het vullen van de gasflessen verzorgd, deed het niet. Na een paar keer van het kastje naar de muur te zijn gestuurd, hebben we maar besloten een lokale fles te kopen. Toen was het woensdagmiddag en konden we eindelijk op pad.

De naam Windhoek moet ergens vandaan komen en we weten nu ook waarom. Waren we in de verwachting mooi zomers weer aan te treffen naar Afrika afgereisd, niets was minder waar. Toen we in Johannesburg landden, vertelde de piloot, dat het slechts 14 graden was. In Kaapstad had het zelfs gesneeuwd, zo lazen we in de krant. Soms had het zelfs iets van een onvervalste Nederlandse zomer met veel regen (kunnen ze hier overigens wel goed gebruiken) in de vorm van onweersbuien en niet te hoge temperaturen. Overdag ging het nog wel, maar ’s avonds werd het simpelweg kil. Tot tweemaal toe, heeft Wil II ’s avonds zelfs de kachel aangemaakt.

Voor Bobo Campers was het duidelijk hoogseizoen. Er was veel meer bedrijvigheid, dan in april. Toch raar, dat al die Europeanen in hun zomer gaan, want dan kan het hier best koud zijn. Met het komen en gaan van mensen, die hun camper komen ophalen of inleveren, was er ook veel belangstelling voor ons tweede huis. Iedereen wilde weten hoe we hier gekomen waren. Velen lieten blijken, dat dat ook hun ultieme droom was. Dat is toch wel heel anders dan in de landen van West Afrika. Daar kom je weinig toeristen tegen en al helemaal niet mensen, die op eigen houtje rondrijden. Hier is duidelijk een toeristenindustrie, waarbij het huren van een 4WD de standaard is. Binnenkort ga ik wel de route die we afgelegd hebben om hier te komen op de wereldkaart intekenen, die aan de zijkant van de auto is bevestigd. Hebben we voor veel mensen tenminste al de vraag beantwoord, hoe we hier gekomen zijn.

Gelukkig hebben we ons niet hoeven te vervelen tijdens ons verblijf op de Trans Kalahari Inn. We stonden er nog maar een paar dagen, toen een voor mij onbekend merk auto kwam aanrijden, maar wel een auto met Nederlands kenteken. Nadat ze zich gemeld hadden bij de receptie, kwamen ze meteen buurten. Nog geen kwartier later waren we zeer geanimeerd in gesprek en het leek alsof we elkaar al jaren kenden. Het bleken Atte (gepensioneerd vlieger van de KLM) en zijn vrouw Marijke te zijn. De auto was een Bremach, een merk gerelateerd aan Iveco, zo heb ik me laten vertellen. De opbouw en inrichting was helemaal door Atte ontworpen. Omdat wij niet de beschikking hadden over koude drankjes en zij wel, zaten we al spoedig hun bier op te drinken. Al snel kwam ook Wil II er bij zitten, want ze kende Atte en Marijke al veel langer, omdat ze jarenlang campers hadden gehuurd van Bobo. Ze kwamen nu ook uit Kaapstad, waar hun auto vier maanden geparkeerd had gestaan bij de Bobo vestiging aldaar. Na een korte onderbreking, hebben we de sessie binnen voortgezet. Omdat zoals uit het voorgaande al mocht blijken, wij zelf niet konden koken, aten we iedere avond in de Inn. Dat was bepaald geen straf, want tegen voor ons alleszins redelijke prijzen eet je daar heerlijke biefstukken van koedoe, oryx, eland of gewoon van een rund. Zelfs de oer Hollandse bitterballen staan op het menu. Met de komst van Atte en Marijke zitten we dus met z’n vieren aan tafel, wel zo gezellig. Ook de volgende twee dagen hebben we samen gezellig geborreld, gegeten en gekletst. Ze hebben voor ons ook wat inkopen gedaan, zodat we ook nog wat terug konden doen. We hebben ze met lede ogen zien gaan, toen ze heel begrijpelijk besloten te vertrekken. Ze hebben tenslotte nog een hele weg af te leggen. O ja, die moeten we nog even kwijt. Terwijl we zo over van alles en nog wat zaten te praten, kwamen we ook op de autosport terecht en dat ik af en toe een circuit onveilig maak in een Westfield. “Maar dan moet je Danny Lammers kennen?” was de reactie van Atte. Voor niet ingewijden: Danny is ook een Winterswijker en al jaren een racemaatje van ondergetekende. Wat bleek? Atte heeft een Donkervoort en is daarmee binnen het Donkervoort wereldje heel actief. Zo zijn ze ermee ook ooit naar het circuit van Le Mans geweest. En dat verhaal kende ik van Danny, want die had toen wat slordig zijn Donkervoort in een bandenstapel geparkeerd. Om het nog mooier te maken: Danny was op het moment, dat dit gesprek plaatsvond drukdoende mijn Austin Healey 100 te verkopen, wat hem nog gelukt is ook. Toch weer klein hè, die wereld?

Atte en Marijke werden opgevolgd door Roland en Tamara, een Duits stel. Totaal andere conversaties, maar ook zeer onderhoudend. Roland blijkt zo’n iemand te zijn, die alles kan maken. Zo heeft hij zijn eigen Mannetje opgebouwd, maar was hij ook actief met radiografisch bestuurde vliegtuigen en zelfs een helikopter van respectabele afmetingen. Maar wat ons echt het meest verbaasde? Hij had een levensechte drone bij zich. Je weet wel, zo’n ding waar tot voor kort alleen het Amerikaanse leger over beschikte om figuren als Bin Laden naar de andere wereld te helpen. Die blijken nu al te koop te zijn voor 400-500 euro. Volgens Roland werken ze perfect en komen ze altijd op hun uitgangspunt terug. Uitgerust met een camera van nog eens zo’n 200 euro is hij van plan om dieren van bovenaf te filmen. Of de auto van bovenaf terwijl ze rijden. Lijkt me gaaf. Volgende verjaardag dan maar. Met hun ervaring van elf jaar rondreizen door zuidelijk Afrika, hadden ze ook nog wat leuke tips voor ons. Zelf gaan ze nu naar Zambia. Deze keer gaat de reis vier weken duren.

Ook met Monique hebben we ook vele uurtjes gezellig zitten praten. Dat heeft er onder andere toe geleid, dat ze ons heeft uitgenodigd om haar thuis op te zoeken, iets wat we zeker zullen doen als de planning van ons een beetje aansluit op haar agenda. Ze heeft in oktober/november ook nog een boeking voor een groep fietsers uit Nederland. Ze heeft ons het dagschema gegeven, zodat we eventueel een avond van haar kookkunsten te velde kunnen genieten.

IMG_7093IMG_6952Goed, zo zijn we nu dus ruim een week onderweg. Het weer is sinds we Windhoek verlaten hebben, zoals we dat verwachtten: mooi zomerweer. Op het laatste moment besloten we toch eerst weer het Etosha National Park aan te doen. De natuur is hier nu heel droog, waardoor de kans dat je wild ziet veel groter is. Vroeg of laat moet ieder dier drinken en de plekken waar ze dat kunnen doen, zijn niet al te dik gezaaid. Eigenlijk hoef je je alleen maar bij een waterpoel te installeren en je ziet allerlei dieren voorbijkomen. Jaren geleden, toen ik hier voor de eerste maal was, heb ik het wel eens vergeleken met de Ark van Noah: een komen en gaan van dieren. Alleen als er een kudde olifanten komt, dan wordt het uiteindelijk saai. Eerst is het natuurlijk leuk, als ze luid trompetterend, de kleintjes hardlopend, op het water af komen. Maar olifanten hebben geen haast en doen er uren over om hun dorst te lessen. Of misschien omdat ze het gewoon lekker vinden, zo rond die poel een beetje te badderen en te spelen. Olifanten vinden wij niet echt aardige beesten. Ze vernielen enorm veel om aan hun blaadje groen te komen. Hele takken worden van bomen afgerukt, van bomen die het hier toch al heel moeilijk hebben. Daarnaast, en dat is de belangrijkste reden, dat we ze niet aardig vinden, dulden ze geen andere dieren bij de poel zo lang zij zich daar ophouden. Je krijgt dan bijna medelijden met al die zebra’s, koedoes, elanden, hartebeesten, giraffen en wat hier nog meer rondloopt, die op veilige afstand, smachtend van de dorst, moeten toekijken.

Macho neushoorn

Macho neushoorn

Dan wordt het intermezzo met een neushoorn een hoogtepunt. Heel doelbewust komt hij (of zij) aanlopen, recht op het water af. Als een paar olifanten, gewoontetrouw, met de oren beginnen te klapperen en dreigend staan te trompetteren, loopt hij (of zij) er recht op af met een air van “wat mot je”. Nu is een neushoorn best een indrukwekkend beest, maar naast een olifant lijkt het toch op David tegen Goliath (ja, ja, ik ken mijn klassieken), maar in dit geval is David gewoon een macho, die begint te dreigen om die hoorn van hem eens goed in die buik van die olifant te steken, als ie nou niet gauw aan de kant gaat. En het werkt! De olifanten trekken zich allemaal terug aan de ene kant van de poel, terwijl aan de andere kant nu ineens ook voor al die andere dorstige dieren mogelijkheden zijn om hun dorst te lessen. Want dat moet gezegd worden: de neushoorn geeft wel alle andere dieren de ruimte. Helaas voor al die hoefdieren, de dorst van de neushoorn blijkt snel gestild en zonder dralen draait hij (of zij) zich om, om weer in het struikgewas te verdwijnen. Vervolgens nemen de olifanten weer bezit van de hele poel en heeft de rest het nakijken.

Van het Etosha NP zijn we in een aantal dag etappes via Ruacana naar de Epupa Falls gereden. Nu hebben ze bij Ruacana ook een waterval, maar de informatie die we daarover ontvingen was nogal tegenstrijdig. Op de camping Sachenheim zei de gastvrouw, dat we daar niet naar toe hoefden te gaan. Volgens haar waren er helemaal geen watervallen meer, sinds ze daar een grote waterkrachtcentrale hadden gebouwd. Maar op de volgende camping werd ons door een lokaal iemand verzekerd, dat het wel degelijk de moeite waard zou zijn. Ach, we waren toch in de buurt, dus toch maar even naar toe gereden. Geen  waterval dus. Langs de rivier de Cunene, die tevens de grens vormt met Angola, zijn we naar Swartboois Drift gereden. In het regenseizoen schijnt het een moeilijke weg te zijn, maar nu is het een “piece of cake”. Af en toe een venijnig klimmetje waar we de eerste versnelling voor nodig hadden, maar verder geen enkel probleem. Op de route liggen ook nog een paar riviertjes, maar het doorwaden daarvan is alleen maar leuk.

 

Himba vrouw:sieraden en een lendedoek

Himba vrouw:sieraden en een lendedoek

Rijdend naar de Epupa Falls komen we in het land van de Himba’s, een semi nomadisch volk. Vooral de vrouwen onderscheiden zich door de wijze waarop ze gekleed gaan en behangen zijn met sieraden.

Haar in strengen met klei

Haar in strengen met klei

Of eigenlijk: hoe schaars ze gekleed zijn. Naast een lendendoek en sieraden dragen ze namelijk niets. Hun haar is op een speciale manier in vlechten gedraaid en ingesmeerd met een soort klei. Hun huid wordt van top tot teen ingesmeerd met een speciaal mengsel, met oker als belangrijkste bestandsdeel. Het beschermd ze tegen de zon en de insecten en geeft ze ook een bronsachtig uiterlijk. Hoewel ze zich nooit wassen ruiken ze niet onaangenaam. In de buurt van de watervallen hebben we een bezoek gebracht aan een Himba-dorp. Eigenlijk is het geen dorp, maar een leefgemeenschap van een aantal gezinnen. In de loop van de jaren zijn ze zich heel bewust geworden van hun “toeristische waarde”. Voor een bezoek aan het dorp worden we ook geacht niet met lege handen te komen, maar nuttige dingen cadeau te doen zoals meel, rijst, olie, brood en thee. De mensen gedroegen zich vriendelijk en gastvrij, waardoor wij al snel het gevoel kwijtraakten, dat we aapjes aan het bekijken waren. Het was zondermeer informatief om te horen hoe ze leven en wat hun gebruiken zijn. Bovendien is het zeker niet zo, dat alleen in lokale dorpjes deze gebruiken leven. Als je door Epuwo rijdt, een behoorlijk grote stad, dan wordt het straatbeeld in hoge mate bepaald door de Himba’s. Voor hen is het kennelijk geen enkel probleem om samen met ons in de rij te staan voor de kassa in de supermarkt. Eigenlijk wil je wel foto’s maken, maar uiteindelijk doe je het niet om ze te respecteren.

 

Epupa Falls: mooie plek

Epupa Falls: mooie plek

De Epupa watervallen stellen in dit jaargetijde niet veel voor, maar de plaats aan de rivier, die we hadden was mooi. De plek was zeer ruim en iedere plaats had een eigen toilet en douche. Het warme water werd verkregen door een hout gestookte boiler. Hebben we ooit eerder in Argentinië meegemaakt. Helaas waren we vergeten om het mannetje, dat ’s morgens vroeg het houtvuurtje moet aanmaken, te vertellen, dat we zelf een douche aan boord hebben!

Op de weg terug van de watervallen naar Epuwo komen we Atte en Marijke tegen. Spontaan worden de stoelen tevoorschijn gehaald en drinken we langs de kant van de weg samen koffie. Ze hebben al heel wat “rough roads” achter de kiezen, maar dat is nog niets vergeleken met wat ze nog van plan zijn. Ze willen een compleet rondje draaien in het uiterste noordwesten van Namibië, een deel dat beschouwd wordt als het laatste stukje wildernis in Afrika. Wij hoeven dat met onze auto niet te proberen: die is daar veel te groot voor. Gezien hun verdere programma is het niet waarschijnlijk, dat we ze nog een keer zullen ontmoeten.

In Namibië wordt veel Zuid Afrikaans gesproken, dat van het Nederlands afstamt. Als men langzaam spreekt, verstaan we veel. Toch kennen ze uitdrukkingen, die ons een glimlach ontlokken of ons verbazen. We hebben ons voorgenomen om jullie er ook deelgenoot van de maken. Wat dacht je van: “Ek skrik my omtrent in ’n andere bloedgroep in!”

Tot de volgende keer.

 

11 Responses to “Een stroeve start ….”

  1. Han Hagen schreef:

    Beste Gerard en Wil,

    Dat zijn meteen weer wilde weken geweest, met veel wisselende ervaringen. Op de laatste foto zie ik toch een mooi gekoeld glas bier staan, dus ik heb geen medelijden.

    Mooi verhaal weer Gerard.

    Vr. gr.

    Han

  2. Ben de Graaf schreef:

    Beste Wil en Gerard.

    Zo te lezen weer een normale start voor jullie:-))

    Als altijd overwinnen jullie de uitdagingen en genieten volop van al het natuurschoon om je heen.

    Blijf genieten,

    ben

  3. joost schreef:

    Gerard & Wil,

    Zie ik op die foto nu echt van die canadians staan? Heb je die dan bij je? Het lijkt wel gewoon kamperen aan de Gard in Frankrijk. En hoe zit het trouwens met dat verenpakket voor het Mannetje dat je van die donor M.A.N. hebt gehaald?

    Groet, Joost

  4. Dick schreef:

    Ik schrik me ballen uit mijn broek als ik een andere kleur huid wwar ik me wel thuis voel?
    Meer kan ik erniet van maken…..
    Mooi verhaal!
    Gr dick, jacq en fleur

  5. Dick schreef:

    Jullie verwijten de leeuwen lui te zijn……maar stel je voor dat je geen wijntje, biertje, kipfiletje, salade,of nader luxe spul moet scoren omte overleven , alleen een kadaver zo eens in de 4-5 dagen om op te vreten…..asl de luxe er niet bij komt ben je snel uitgeknaagt…
    Tja mijn stijl is het niet om een koedoefilet weg te spoelen ZONDER een vol Rood Wijntje, maar dat weet zo’ n leeuw weer niet..

  6. Ronald Huijskes schreef:

    Fijn dat jullie weer daar zijn, we verheugen ons weer op jullie spannende en mooie reisverslagen. heel veel plezier. Gr. Marga en Ronald

  7. Monique schreef:

    Klinkt alsof alle problemen nu opgelost zijn en dat jullie heerlijk aan het genieten zijn! Ik ben inmiddels ook weer een week thuis…heeeerlijk! Pico vind het hier in de Klein Karoo ook prima vertoeven zamen met zijn vriendinnetje Roxy.
    Over 2 weken weer oppad en wie weet tot ergens op de camping of hier bij my thuis natuurlijk. Lekker toer en mooi bly, groete Monique

  8. Tim Hovenier schreef:

    Hoi Gerard en Wil,

    Ik heb jullie “”reisverslag in boekwerk vorm”” (heel leuk gedaan trouwens!) bewaard voor om nu in het weekend te lezen , wat een ervaringen en ontmoetingen en zelfs aan de andere kant v/h wereldtje is het wereldtje klein vwb wederzijdse kennissen

    Ik dacht wel , waar blijft hun 1e reisverslag nu, zou er iets gebeurt zijn ? maar gelukkig niet dus
    Ik zie weer uit naar deel 2 van het boek 🙂

    grt Liefs Tim

  9. Mariska en Jan schreef:

    Leuk om weer even bij te lezen. Grappig dat jullie Atte en Marijke ook ontmoet hebben, we zagen ze met hun fraaie Bremach nabij Kaapstad.

    Geniet nog even van het warme weer in Namibië, het is nog koud in RSA. Regen en harde wind nu in de Karoo.

    Groetjes,

    Jan en Mariska

  10. First Lady schreef:

    My president & Wil,
    Ondanks een stroeve start zijn jullie weer lekker op dreef. Houden zo. Boeiend verhaal over de Himba’s en compleet nieuw voor mij en gelukkig is het jullie gelukt om paar prachtige shots van ze te maken.
    Het was weer genieten van jullie verhalen.
    Dank, dank, dank

Laat een reactie achter